Blog Jolien Dopmeijer

Blogs van Jolien Dopmeijer

Heb je even voor me?

 

Keihard tot stilstand

Er was een klap. Daarna nog één. En misschien nog wel één. Die laatste klap. Daarna een oorverdovende stilte. 

De laatste klap bracht me keihard tot stilstand. Iets waar ik zelf al een poosje naartoe werkte. Maar er was blijkbaar meer voor nodig. Abrupt stond ik stil en kon ik niet anders dan stilstaan in alle opzichten. Maar voor ik dat punt bereikte, werd ik hard door elkaar geschud. Alsof iemand me stevig tot rede wilde roepen.

Exact een half jaar geleden, op 21 februari, knalde ik met mijn auto met een snelheid van 50 km/u op een bus die dezelfde snelheid had. Een groot ongeluk wat mijn vriend aan de andere kant van de telefoonlijn heeft horen gebeuren. Een gil. De klap. Daarna stilte. 

De omvang van het ongeluk werd hem en later ook mij pas duidelijk door de opgeroepen en weer afgezegde traumaheli, het uit een auto geknipt en getild worden, het vastgegespt op een brancard de ambulance ingereden worden en naar de spoedeisende hulp worden gebracht. Die lichtbakken die je in films boven de brancard van de patiënt ziet? Zo ziet het er vanuit het patiëntperspectief écht uit, kan ik je melden. 

Ik bleek de schuldige omdat ik een rood stoplicht had gemist. Hoe symbolisch wil je het hebben? Missing signs. Overwerkt en midden in verwoede pogingen om op te krabbelen na series van persoonlijk verlies en verdrietige tijden, zag ik in een split second hét stopsignaal over het hoofd. Een wake-up call met een hoge prijs. Het enige slachtoffer met letsel. Drie maanden uit de running met een zware hersenschudding, zich uitend in helse hoofdpijnen. Dat was alles wat er overbleef nadat spierscheuringen in nek, schouders en rug herstelden. Nog steeds heb ik last van hoofdpijnen, zo nu en dan. Ik besefte me dat ik, zoals Typhoon dat zo mooi noemde in een korte uitwisseling, 'bewaard was gebleven'. Maar ook dat, godzijdank, mijn kinderen niet in de auto hadden gezeten. 

Met het wegzakken van de heftigste hoofdpijnen kwamen de gedachten over het missen van de signalen. Ja, ik had ze deels wel gezien. Was bezig met structuur veranderen op het werk en thuis om een betere balans te vinden. Maar ik wilde het teveel alleen doen. Ik wilde het kunnen. Dacht dat ik het kon. Ik móest dit toch kunnen? Nee dus. Ik besefte dat ik een deel van mijn eigen prestatiedruk en bijbehorende klachten had gecreëerd, maar vooral in stand hield. Wat was mijn onderzoeksthema ook alweer? Juist.

Nooit was ik dichter bij mijn eigen onderzoeksthema en pleidooi dan nu. Een vol besef van het belang van het herkennen van signalen die je tot stoppen of rust willen manen. Die je naar jezelf laten kijken en aangeven: je hoeft dit niet alleen te doen. Niemand kan het alleen. Je doet je stinkende best en dat is oké. Soms heb je iemand naast je nodig. 

Lieve studenten, onze mooie talentvolle toekomst: studeren kan zwaar zijn. Zeker als er veel meer in je leven speelt wat je aandacht vraagt en jullie zijn hierin met velen. Weet dat je dit niet alleen hoeft te doen als het je boven het hoofd groeit. Reik uit of laat naar je uitreiken. Laat het, als het even kan, niet zover komen dat je met een klap stilgezet moet worden.


Heb je even voor me?

‘Heb je even voor me?’. Met deze zin begon het allemaal een jaar of vijf geleden. Ze vertelde over haar moeder die voor de tweede maal de diagnose kanker had gekregen maar dit keer was de prognose niet goed. Haar moeder zou het niet overleven. ‘Hoe moet dit met mijn studie, ik moet voor haar zorgen en ik trek het echt niet…’. Ik had onmiddellijk met haar te doen. Ik kende haar op dat moment nauwelijks, deze studente, maar dat zou veranderen. Haar studieloopbaanbegeleider zag geen kans om haar intensief te begeleiden. ’Ik kan weinig voor je doen’, zo luidde het antwoord op de hulpvraag die ze stelde.

Al was ik als docent op dat moment niet meer aan haar verbonden, ik besloot haar te begeleiden. In de maanden die volgden maakte we planningen, spraken we over haar verdriet en somberheid. De moeilijke momenten die ze meemaakte te midden van een gebroken gezin als het gevolg van een moeilijke scheiding. De momenten dat ze haar moeder steeds verder en ook steeds sneller zag aftakelen tot moeder alleen nog in bed lag en haar hulp nodig had. Als 20-jarige je moeder op de wc zetten, eten geven, pijn zien hebben. Ik geef het je te doen. Tussentijds probeerde ze zo goed en zo kwaad als het ging haar achterstanden met verslagen weg te werken.

En toen kwam het moment dat haar moeder overleed. Ze brak. Na een periode van rouw en rust waarin we contact hielden, keerde ze terug naar school. Gemotiveerder dan ooit. Haar moeder zou hebben gewild dat ze zou afstuderen en dat deed ze. Glansrijk. Met tranen in mijn ogen stond ik trots bij haar diplomering. Ze wachtte me op, samen met haar tante en een gigantische bos bloemen in haar armen, om me te bedanken. Ik bedankte haar. Voor haar vertrouwen in mij. Voor dat ik haar in de zwartste tijd van haar leven had mogen begeleiden. Dat ze koos voor zichzelf en vastberaden was haar studie af te ronden. Ik wist: ondanks het grote gemis van haar moeder gaat deze mooie, jonge, getalenteerde nieuwbakken verpleegkundige een mooie toekomst tegemoet.

Het was ook in dit moment dat ik mij realiseerde dat haar verhaal niet op zichzelf staat. Studenten zoals zij zijn er velen. Studenten met vele balletjes hoog te houden. Het combineren van studeren, wat al zwaar op zich kan zijn, met moeilijke omstandigheden thuis door zieke familieleden. Zelf kampen met klachten als somberheid, angst of weten dat biertjes drinken allang niet meer die ontspanning is, maar broodnodig. Studenten die vaak juist niet in staat zijn om hulp te vragen. In dat moment, zo’n vijf jaar geleden, tijdens de diplomering van deze inspirerende studente, besloot ik mij hard te willen maken voor studenten die op zijn zachtst gezegd niet goed in hun vel zitten, maar wel dat diploma nastreven. Omdat ze dat kunnen. Omdat ze dat willen. Omdat iedereen die kans verdient om de eindstreep te halen. Met of zonder hulp.


Over Jolien:

Jolien Dopmeijer (1982) is docent Verpleegkunde, onderzoeker en promovendus bij het lectoraat GGZ en Samenleving van Hogeschool Windesheim. Werkt heel hard om alle balletjes hoog te houden. Pleit stevig voor een steunend studieklimaat en vroegsignalering van psychische klachten van studenten in het hoger onderwijs. Kreeg voor haar onderzoek de Promotiebeurs voor Leraren van het NWO en was al eens te zien op het RTL Nieuws over mantelzorgende studenten. Jolien woont samen met Robin en haar twee kinderen in Zwolle. Heeft naast haar passie voor haar werk ook een passie voor muziek. Je zou haar zo maar eens tegen het lijf kunnen lopen in de vele concertzalen die ons land rijk is of op het mooiste festival van Nederland: Lowlands.