Literatuuropvattingen op open protestants-christelijke scholen

Promotietraject (afgerond) - Op elke basisschool speelt jeugdliteratuur een grote rol. Boeken worden gebruikt om kinderen te leren lezen. Maar dat leerlingen door boeken zichzelf kunnen leren kennen en de wereld om hen heen, wordt meestal minder belicht. Toch is jeugdliteratuur en het spreken daarover niet alleen belangrijk voor het leesonderwijs, maar ook voor burgerschapsvorming en voor het denken over levensbeschouwing.

In dit promotieproject is door middel van casestudies onderzocht welke literatuuropvattingen er leven op open protestants-christelijke basisscholen en hoe ze tot uiting komen in de schoolpraktijk. Het onderzoek heeft behalve voor basisscholen ook implicaties voor lerarenopleidingen als het gaat om normatieve professionalisering en de onderzoekende houding van studenten.

Deelvragen onderzoek

  1. Welke opvattingen over leescultuur maken deel uit van de literatuuropvattingen op de scholen en hoe komen ze tot uiting in het boekenaanbod en het omgaan met boeken?
  2. Welke identiteitsopvattingen maken deel uit van de literatuuropvattingen op de scholen en hoe komen ze tot uiting in het boekenaanbod en het omgaan met boeken?
  3. Welke pedagogische opvattingen maken deel uit van de literatuuropvattingen op de scholen en hoe komen ze tot uiting in het boekenaanbod en het omgaan met boeken?
  4. Welke opvattingen over de protestantse leestraditie maken deel uit van de literatuuropvattingen op de scholen en hoe komen ze tot uiting in het boekenaanbod en het omgaan met boeken?

Maatschappelijke relevantie

Het onderzoek biedt inzicht in het spanningsveld tussen opvoeding voor de ‘eigen groep’ (de oorsprong van ons verzuilde onderwijssysteem) en het opvoeden van autonoom denkende leerlingen die openstaan voor sociale cohesie in de samenleving. Daarnaast heeft het onderzoek de kansen en knelpunten omtrent de vormende waarde van het leesonderwijs in kaart gebracht.

Resultaten per deelvraag

  1. De leescultuur op geen van de scholen is sterk ontwikkeld. Er zijn geen raakvlakken met de open protestants-christelijke schoolidentiteit. Het schoolbeleid is gericht op de ontwikkeling van een technische leesvaardigheid en nauwelijks op literaire socialisatie.
  2. Er is geen sprake van een formele visie op of een gemeenschappelijk denken over de open protestantse identiteit. Naar aanleiding van het onderzoek kan men eerder spreken over een ‘identiteitssfeer’ of ‘identiteitsgewoonten’.
  3. De opvattingen over identiteit gaan samen met de wens leerlingen veiligheid en bescherming te bieden en conflicten te vermijden. Onder een veilige omgeving verstaat men niet zozeer een omgeving waarin kritische meningsvorming en leren kiezen belangrijk zijn, maar in de eerste plaats een school waar een veilig leerklimaat benadrukt wordt.
  4. De protestantse leestraditie speelt op de onderzochte scholen geen rol. Deze leestraditie is onder teamleden nauwelijks bekend, waardoor dit geen rol speelt bij het ontwikkelen van hun opvattingen.

Vervolgonderzoek

Naar aanleiding van de volgende hypotheses kan een vervolgonderzoek worden opgestart:

  • Ook op andere dan de onderzochte scholen komen situaties voor waarin met spanningen tussen ‘eigen groep’ en ‘pluriform samenleven’ wordt omgegaan door een veilig leerklimaat te benadrukken.
  • Op basisscholen is de visie van teamleden op leescultuur, schoolidentiteit of pedagogische kwaliteit niet sterk ontwikkeld.

Publicatie

Zo doen wij dat nu eenmaal - Literatuuropvattingen op open protestants-christelijke basisscholen. Het proefschrift van Erna van Koeven is uitgegeven door uitgeverij Eburon (ISBN 9059725859).

Download de samenvatting

Abstract
Soort Vooronderzoek: interviews
Casestudies: interviews, documentanalyse, analyse van klassenbibliotheken en schriftelijke vragenlijsten
Incidenteel: informele gesprekken en observaties
Omvang Vooronderzoek: 108 basisscholen
Casestudies: 4 basisscholen
Deze scholen hebben een open protestants-christelijke identiteit en er zijn ten minste 8 teamleden werkzaam. Daarnaast vindt men in de omgeving van de scholen voldoende levensbeschouwelijke diversiteit.

Ondervraagden: teamleden (waaronder schoolleiders) en ouders
Opdrachtgever Windesheim
Status Afgerond