Naar cookie instellingen Hoofdinhoud Hoofdnavigatie

Schoonzoon of -dochter in het familiebedrijf? 6 gevoeligheden om bewust van te zijn.

Inzichten uit de wetenschap november 2021
Home(opent in nieuw tabblad) / Inzichten uit de wetenschap schoonzoon of -dochter in het familiebedrijf

Gevoeligheden in de (schoon)familie kennen we allemaal. Een schoonmoeder die goedbedoeld -maar ongevraagd- ineens de ramen staat te wassen. Of een schoonzoon die het altijd beter weet. Ingewikkelder wordt het als gevoeligheden oplopen tot serieuze spanningen. Zeker als je een familiebedrijf hebt, zegt Bart Hoogenboom van het LEF. Hij ziet een rode draad in gevoelige onderwerpen bij familiebedrijven. ‘Je er alleen al bewust van zijn, helpt.’

Feit is dat kleine irritaties onbewust ontstaan. Maar uiteindelijk kunnen die irritaties wel tot explosieve situaties leiden. Bart: ‘Dat kun je niet altijd voorkomen. Wel is het goed om je te realiseren wat de mogelijke gevolgen zijn van je keuzes. Zo kun je al veel ellende vóór zijn.’

(Het volledige plaatje: de onderzoekers interviewden ongeveer 75 mensen uit 15 families. Niet alleen de opvolgers, maar óók de partners. Dat geeft een goed beeld van de hele familiedynamiek.)

Bart tipt: de 6 gevoeligheden om bewust van te zijn:

 

1. Juridisch geregel

Bart: ‘Een beetje een open deur, maar met de komst van een schoondochter of -zoon moet je ook juridisch een en ander goed regelen, zoals huwelijkse voorwaarden. Trouw je in gemeenschap van goederen, dan kun je in de problemen komen bij overlijden, scheiding of faillissement. Zonder huwelijkse voorwaarden delen partners bij een maatschap, eenmanszaak of vof in het eigendom en vallen ze onder de persoonlijke aansprakelijkheid. Maar het is ook de vraag of andere familie-eigenaren dat willen. Dat gesprek is soms best ongemakkelijk, maar wel belangrijk om te voeren. We hebben families gezien die in de problemen kwamen omdat er geen huwelijkse voorwaarden waren.’

2. Het salaris van de schoonzoon of -dochter

Het salaris van de partner is vaak enorm belangrijk voor de continuïteit van het familiebedrijf. Dat klinkt misschien niet meteen logisch. Maar in de agrarische sector wordt veel geherinvesteerd in machines, gebouwen of land. In de praktijk leeft het gezin vaak voor een groot deel van het salaris van de partner. Boodschappen, sport, vakanties, onderhoud van het huis. Dat stelt het familiebedrijf in staat om te groeien. Bart: ‘Als je daar niet over praat, zie je spanning ontstaan. Het bedrijf wordt steeds meer waard, terwijl het inkomen van de partner vluchtig  is. Maar de bijdrage van de partner telt wel op! 

Het is goed om je als familie te realiseren dat je alleen kunt herinvesteren in het familiebedrijf als je daarnaast een inkomen hebt waar je van kunt leven. Formeel vastleggen gebeurt niet vaak, maar er bewust van zijn en er waardering voor uitspreken is meestal al genoeg. Sommige families zeggen: “Mijn zoon kan dit bedrijf overnemen omdat hij een partner heeft die goed verdient.” Maar we zien ook anders: “Mijn schoondochter heeft een baan buiten de deur. Ze draagt eigenlijk niets bij aan het bedrijf.” Kijk je naar de financiële stroom dan is het omgekeerde waar.’

3. Wonen en werken op het familiebedrijf

Ga je wel of niet op het familiebedrijf (de boerderij, het restaurant of camping) wonen? Een keuze die grote gevolgen heeft voor je tijd met partner of gezin. Want een boerenbedrijf is nou eenmaal geen 9-5 baan. Bart: ‘Voordeel van wonen op het familiebedrijf is dat je tussendoor samen kunt koffiedrinken of als gezin kunt lunchen. Woon je elders, dan heb je kans dat je partner van vroeg tot laat van huis is. Nadeel van wonen op het bedrijf is dat werk en privé door elkaar lopen én het gebrek aan privacy. Ook al gaan de schoonouders ergens anders wonen, dan nog zie je regelmatig dat ze nog dagelijks langskomen. En soms, heel begrijpelijk, het moeilijk vinden te accepteren dat het hun thuis niet meer is.’

Tip van Bart: ‘Heel handig hiervoor is om contextmarkers in te zetten. Dat betekent dat je duidelijke afspraken maakt over wat bedrijfscontext is en wat familiecontext is. Stap je de woonkamer binnen, dan ben je op privébezoek. Drink je koffie op kantoor, dan gaat het over het bedrijf.’

4. Dezelfde achtergrond

Komt de nieuwe schoonzoon of -dochter zelf ook uit een boerengezin? Dan is er vaak meer begrip voor wat er bij een agrarisch bedrijf komt kijken: lange dagen en veel onvoorspelbaarheid. En veel families vinden dat belangrijk. Dat iemand weet dat een koe midden in de nacht kan kalven. Of dat er onverwacht gehooid moet worden na lang mooi weer. 

Bart: ‘De vraag is of het altijd wenselijk is dat een partner eenzelfde achtergrond heeft. Daardoor mis je mogelijk de kans om werk en privé opnieuw in te richten. De realiteit is nu eenmaal dat ook een partner verplichtingen heeft. Er was een schoondochter die zei: “Maakt hij na een lange dag ook nog een afspraak in de avond en verwacht hij dat ik bij de kinderen ben.” Natuurlijk spelen zulke irritaties in elk gezin, maar hier extra. Omdat je als partner al zó flexibel moet zijn.’

5. Kansen voor copreneurs op het familiebedrijf

Heb je een mooie locatie, dan is er de kans voor de partner om een nieuwe tak op het terrein te starten: denk aan een winkel, ijssalon of kinderopvang. Bart: ‘Ook daarbij is het wijs om goede afspraken te maken. Ineens heb je twee bedrijven op één terrein en wordt de scheiding tussen werk en privé nog kleiner. Bovendien willen niet alle boeren graag mensen op het erf. Vanwege privacy, maar ook vanwege veiligheid. Een agrarisch bedrijf is nu eenmaal een plek waar wordt gewerkt met zware machines.’
Ook het imago van de agrarische sector speelt een rol. Bart: ‘Ik merk dat veel boeren erg betrokken zijn bij het imago van hun sector. Laat je mensen op je erf kijken, dan is de realiteit wellicht anders dan het romantische beeld dat er in de samenleving bestaat. Boerderijen zijn nu eenmaal zeer hoogtechnologische bedrijven met voermachines en melkrobots.’ 

6. Tot slot: jouw huis mijn huis

Ga je in het woonhuis bij het bedrijf wonen, dan kan dat voor een partner benauwend zijn. ‘Je hebt niet voor deze specifieke woning gekozen en het voelt misschien ook niet als jouw huis’ zegt Bart. Soms zijn er ook bepaalde beperkingen of aarzelingen om het huis tot je eigen te maken. ‘Omdat het huis emotionele waarde heeft voor ouders, broers en zussen die graag willen dat het bepaalde kenmerken blijft houden. Daar ontstaat soms discussie over. Een huis is soms al 10 generaties in dezelfde familie. Dan voelt het alsof je het in bruikleen hebt en niet alles kan doen zonder dat de familie daar een oordeel over heeft. Dan voelt het toch ook niet echt van jou.’

De oplossing...

‘Die is er eigenlijk niet', zegt Bart. ‘Je kunt geen perfecte situatie creëren, maar je kunt wel zorgen dat je bewust bent van de keuzes die je maakt. Dat je weet welke consequenties ze hebben. Ga je op het familiebedrijf wonen, dan zie je je gezin vaker, maar lever je ook een stukje privacy in. De best of both worlds bestaat gewoon niet. Het belangrijkste is om de consequenties voor iedereen werkbaar te maken en met elkaar in gesprek te blijven.'

Bart Hoogenboom is onderzoeker bij het Landelijk Expertisecentrum Familiebedrijven en doet samen met collega’s Judith van Helvert, Jelle Bouma en Francina Kant onderzoek naar bedrijfsopvolging in de agrarische sector. Het LEF werkt in dit project bovendien samen met Aeres Dronten, Van Hall Larenstein en het Fries Sociaal Planbureau. Het onderzoek loopt nog tot eind volgend jaar.

Deze blog delen via:

Cookie instellingen

Windesheim maakt gebruik van functionele en analytische cookies om het gebruik van de website te optimaliseren. Daarnaast maken we gebruik van cookies voor marketingdoeleinden. Hiermee kunnen we je gedrag volgen op websites. Als je op 'accepteer alle cookies' klikt, geef je hiervoor toestemming. Klik op 'stel je persoonlijke voorkeuren in' om aan te geven welke cookies je accepteert. Lees ons cookiestatement voor meer informatie.


Stel je persoonlijke voorkeuren in