Het benutten van vrouwelijk potentieel in familiebedrijven
Dit onderzoek richt zich op wat ondernemende families kunnen doen om het leiderschapspotentieel van dochters te herkennen, erkennen en benutten.
- Lectoraat: Familiebedrijven
- Betrokken onderzoekers: Judith van Helvert, Inge Korterink, Manon van Bortel
- Partners: Universiteit Utrecht, ProMissie, Bureau Pouwels
Aanleiding
In familiebedrijven ervaren vrouwelijke opvolgers vaak genderspecifieke belemmeringen bij hun ontwikkeling tot leider. Deze belemmeringen komen voor op verschillende niveaus: individueel (bijvoorbeeld onzekerheid), relationeel (bijvoorbeeld voorkeur van de overdrager voor een zoon als opvolger), familiaal (bijvoorbeeld traditionele rolpatronen) en contextueel (bijvoorbeeld maatschappelijke verwachtingen rondom moederschap en werk). Daardoor zijn en blijven dochters minder zichtbaar als opvolger en blijft waardevol leiderschapspotentieel onbenut. Tegelijkertijd biedt de betrokkenheid van de familie bij het bedrijf juist kansen: wanneer er geen onderscheid wordt gemaakt tussen zonen en dochters, ontstaat ruimte voor gelijke kansen. In dit onderzoeksproject streven we ernaar om stimulerende factoren voor opvolging door dochters op verschillende niveaus inzichtelijk te maken, zodat ondernemende families beter in staat zijn het leiderschapspotentieel van dochters te herkennen, te ontwikkelen en effectief in te zetten binnen het familiebedrijf. We richten ons daarbij op drie niveaus: het individuele niveau, het relationele niveau (interactie tussen opvolger en overdrager) en het familiale niveau. Met dit project willen we bijdragen aan bewustwording hierover en willen we het gesprek hierover faciliteren in familiebedrijven. Daarnaast beogen we een basis te leggen voor een uitgebreider vervolgonderzoek.
Doel
In dit onderzoeksproject streven we ernaar om stimulerende factoren voor opvolging door dochters op verschillende niveaus inzichtelijk te maken, zodat ondernemende families beter in staat zijn het leiderschapspotentieel van dochters te herkennen, te ontwikkelen en effectief in te zetten binnen het familiebedrijf. We richten ons daarbij op drie niveaus: het individuele niveau, het relationele niveau (interactie tussen opvolger en overdrager) en het familiale niveau. Met dit project willen we bijdragen aan bewustwording hierover en willen we het gesprek hierover faciliteren in familiebedrijven. Daarnaast beogen we een basis te leggen voor een uitgebreider vervolgonderzoek.
Uitkomsten en publicaties
Meedoen?
Meer weten?
Neem contact op met Inge Korterink(opent in nieuw tabblad).
Neem contact met ons op
-
Bereikbaarheid
Op werkdagen tussen 09.00 en 17.00 uur