Post-hbo Rekencoördinator: aan de slag met het reken- of wiskundeonderwijs in eigen onderwijspraktijk
Linda van Doorn doet de post-hbo Rekencoördinator aan Windesheim, Zwolle. Deze opleiding combineert ze met haar werk als groepsleerkracht van groep 8 en onderwijskundig teamleider op IKC De Rythmeen, Bathmen. Omdat ze het rekenniveau van hun leerlingen willen verbeteren kreeg Linda de kans om deze post-hbo te volgen. Ze leert het beleid en de kwaliteit van het reken- of wiskundeonderwijs te verbeteren en implementeert het direct in haar onderwijspraktijk. Een gesprek met Linda over haar ervaring.
Linda van Doorn werkt sinds 2007 in het onderwijs. Ze staat nog altijd met veel plezier twee dagen als groepsleerkracht voor groep 8. Door haar rol als onderwijskundig teamleider is ze betrokken bij het managementteam (MT) en werkt samen met het MT aan een plan van aanpak.
“Uiteindelijk is gewoon de korte conclusie dat het niveau van rekenen omhoog moet. We hebben daar een actieplan voor op onze school. De post-hbo die ik én mijn collega volgen is daar onderdeel van. Dit hebben we kunnen doen dankzij de subsidie Basisvaardigheden. We hebben er ook bewust voor gekozen om dit samen te doen, zodat het niet leerkrachtafhankelijk is. Hierna gaan we alles wat wij leren breder uitrollen op onze school. Daar is de post-hbo ook voor ingericht: ze leren je het beleid en de kwaliteit van het reken- of wiskundeonderwijs op je eigen school verbeteren. We willen namelijk niet lukraak zelf dingen bedenken, maar echt theoretisch onderbouwde en duurzame veranderingen ontwikkelen.”
Wat ga je verbeteren tijdens jouw opleiding?
“In september ben ik al begonnen met de opleiding. Ik ga mij richten op het verbeteren van diagnostisch en doelgericht onderwijzen. Dat betekent dat ik onderzoek ga doen naar hoe ik het leerproces van leerlingen inzichtelijk kan maken voor leerkrachten. Het is belangrijk om zicht te krijgen in wat een leerling doet. Op school werken wij bijvoorbeeld met Snappet. Wanneer leerlingen een les volgen in dit programma krijgen ze direct feedback. Een ‘uitroepteken’ betekent dat er meer aandacht aan dat onderdeel besteed moet worden, ‘puntjes’ betekent dat je op de goede weg bent en een ‘vinkje’ betekent dat je het lesdoel hebt behaald. Maar is dat ook zo? Eigenlijk zegt dat vinkje niet zoveel. Het zegt niet dat ze de stof daadwerkelijk begrijpen en de juiste strategieën hanteren. Daar wil ik in mijn onderzoek op inzoomen.”
Wat is een voorbeeld van diagnosticerend onderwijs?
“Leerkrachten schieten heel vaak in de helpmodus. Dat merk ik zowel bij mijzelf als bij het team. Iets gaat bij een leerling niet helemaal goed en je wilt direct inspringen en oplossen. Dat betekent dat je als leraar in de eerste ronde door de klas al veel tijd kwijt bent bij de eerste leerling én dat de leerlingen die het hardste roepen, de meeste hulp krijgen. Bij een diagnosticerend en doelgerichte aanpak doet de leerkracht een stapje terug. De leerkracht observeert welke fouten er in de klas worden gemaakt, dus laat de leerlingen ook de fouten maken. Daarna worden die onderwerpen geclusterd en op die manier behandeld voor de hele klas.”
Heb je zelf al iets van wat je hebt geleerd uitgeprobeerd in jouw les?
“In de lessen op Windesheim krijg ik veel informatie van mijn docenten Janneke ter Marvelde en Danny Bergman. Ze reiken ons zoveel waardevolle informatie aan, niet alleen voor mijn project, maar ook werkvormen die ik gelijk wil en kan proberen in mijn klas. Zo kreeg ik tijdens mijn opleiding uitleg over rekengesprekken en hoe je dit kan toepassen in de klas. Dat is eigenlijk een gesprek dat je aangaat met een leerling en vraagt hoe de leerling tot het antwoord is gekomen, door de juiste vragen te stellen krijg je inzicht in hoe de leerling leert en aan de opgave werkt. Als je dit met al je leerlingen doet in de klas krijg je een veel completer beeld van het leerproces en het niveau, dan dat je alleen een toets afneemt.”
“Natuurlijk kosten dit soort gesprekken veel tijd en leerkrachten hebben die vaak niet. Als je voor de klas staat en je hebt 25 leerlingen, kan je niet met alle leerlingen een gesprek voeren. Als ik deze kennis met collega’s deel, probeer ik het wel behapbaar te maken: spreek een of twee leerlingen per week bijvoorbeeld. Ik doe nu zoveel waardevolle kennis op, en het zou jammer zijn als het alleen bij mij blijft. Daarom ben ik blij dat ik het kan uitrollen binnen mijn team. Dat gaat natuurlijk in kleine stapjes, want als leraar weet je zelf ook waar de uitdagingen liggen. Ik wil niemand overrulen, maar het juist samen doen.”
Hoe doe je dit samen met jouw school?
“Rekenen is een essentieel vak en het is van groot belang dat leerlingen hierin een stevige basis ontwikkelen. Ook binnen het team wordt het belang en de urgentie van sterk rekenonderwijs breed gedragen. We zetten hierin al mooie stappen. Vorig jaar hebben we een basis opgesteld. Mijn collega, die ook de opleiding doet, gaat de doorgaande lijn rondom automatiseren nu verder uitrollen. Zelf ga ik me dus zoals aangegeven focussen op het meer diagnostisch en doelgericht onderwijzen. Vanuit het MT richt ik mij daarnaast op het versterken en verdiepen van de kwaliteit van de rekenlessen in de klas.”
“Bij het implementeren van de nieuwe ontwikkelingen op het gebied van rekenonderwijs is het belangrijk dat leerkrachten de tijd krijgen om te vertragen. We hebben echt een bevlogen team en hele fijne collega's die alles voor de kinderen willen doen. Maar soms gaan we gewoon te snel. Soms moeten we kunnen uitzoomen om te kijken: ‘wat doen leerlingen daadwerkelijk en doen ze iets wat bijdraagt aan een duurzaam leerproces’. Het is belangrijk om dus soms te vertragen, observeren zodat we ze uiteindelijk sneller vooruithelpen.”
Neem contact met ons op
-
Bereikbaarheid
Op werkdagen tussen 09.00 en 17.00 uur