C in de avond

Kees Oosterling, de oudste student van Toegepaste Gerontologie: 83 ¾ jaar

Kees Oosterling is 83 jaar en heeft al verschillende malen stagiaires van Toegepaste Gerontologie ontmoet, maar hij wil nu graag wel eens wat meer weten over de opleiding. Lees hier zijn interview.

Het is begin januari als ik telefoon krijg van Tom van Eijk, initiatiefnemer van JOW! Nederland. JOW! staat voor Jong Oud Welzijnsinitiatief en zij koppelen jongeren aan ouderen om samen op te trekken en leuke dingen te doen. In het bestuur zit Kees Oosterling. Hij is 83 jaar en heeft al verschillende malen stagiaires van TG ontmoet, onder andere Emiel Oolderink met wie hij een prachtige vlog maakte over onze opleiding.
Bekijk de vlog op YouTube

“Maar hij wil graag meer weten van onze opleiding”, zegt Tom. En dus vraagt hij mij of Kees contact met mij mag leggen. “Natuurlijk!!!”, is mijn reactie. Ik vind het namelijk ongelooflijk belangrijk dat onze studenten zoveel mogelijk in gesprek zijn met oudere mensen om te zien hoe divers de doelgroep van hun opleiding is. “De oudere bestaat niet”, zeg ik altijd, maar door veel met hen in aanraking te komen, ondervinden ze dit zelf aan den lijve. En regelmatig contact tussen jongere en oudere generaties is in de huidige samenleving niet meer zo geheel vanzelfsprekend.

'Alleen een tentamen maak, doe ik niet hoor'

Kees Oosterling nuKees Oosterling toenAls Kees en ik elkaar bellen, is er direct een hele leuke klik. Kees is nieuwsgierig naar de inhoud van onze opleiding en ziet er heel erg naar uit om met jonge mensen in contact te komen. En we stemmen met elkaar af dat hij gewoon als medestudent aansluit bij de eerstejaars groep, die het vak ‘filosofische aspecten van veroudering’ uit de gerontologielijn volgt. Twee keer in de week gedurende 7 weken zit Kees in de les. Hier moet hij wel zijn drukke weekschema met bestuurswerk voor JOW!, de bewoners- en activiteitencommissie van het appartementencomplex waar hij woont , zijn werk voor Sportservice Zwolle en ook de zorg voor zijn ernstig zieke dochter flink voor omgooien. Maar zijn dochter drukte hem bij de start flink op het hart om zoveel mogelijk bij de lessen aan te sluiten. Dat betekent veel voor hem en geeft ook een stukje afleiding. En Kees wil niet alleen aansluiten, maar hij wil zich ook goed voorbereiden voor de lessen door de artikelen en boeken door te nemen. “Alleen een tentamen maken, doe ik niet hoor”, zegt hij.

Over en weer profijt

“Wat een openbaring was die eerste les alleen al voor me! Wat een prachtige thema’s behandelen jullie!”, zegt Kees als ik hem vraag naar zijn eerste ervaring. En hij is het helemaal eens met Cicero (106-43 v.Chr.)  die het volgende schrijft over het belang van intergenerationeel contact: “Wijze ouderen hebben graag gezelschap van charmante jongelui met talent; de last van de ouderdom wordt lichter als ouderen van de jeugd waardering en vriendschap krijgen. Anderzijds trekken jongeren graaf profijt van de leefregels die oude mensen hun voorhouden; ze worden erdoor aangezet het geleerde in praktijk te brengen.” (Dohmen en Baars, 2011, p.63)”. En de studenten beamen dit ook! Voor hen is het ook heel belangrijk dat zij leren van Kees hoe hij met ingrijpende dingen, zoals het verlies van zijn vrouw en zoon om is gegaan, hoe hij zo positief in het leven staat en daar actief voor zichzelf doelen voor stelt. “Kees, je bent er de volgende lesperiode toch wel weer bij?”, vraagt één van de studenten aan hem bij de laatste les.

Wat ik zelf als docent zo bijzonder vond aan de inbreng van Kees, is dat hij al heel snel niet meer opviel in de les en dan bedoel ik qua uiterlijk. Natuurlijk is hij te herkennen aan prachtig wit haar en iets meer rimpels dan de gemiddelde student, maar toen ik bij de vierde les het lokaal in liep moest ik echt twee keer goed kijken of hij er was. Hij ging gewoon op in de klas als een echte gerontologiestudent. “En studenten gaan ook zo met mij om, heel spontaan!”, zegt Kees als ik hem daarnaar vraag. “Ik word echt opgenomen in de klas en ze behandelen me op een hele gelijkwaardige manier en dat is heel prettig, want dat is niet meer altijd het geval in onze maatschappij”.

Stof voor uren

Een van de opdrachten in dit vak was dat studenten samen met een ouder leesmaatje in gesprek gaan over het boek ‘Het geheime dagboek van Hendrik Groen. Pogingen iets van het leven te maken’, dat ook recent als serie is uitgezonden door omroep Max. “Nou, dat was geweldig”, zegt Kees. “We hadden wel stof voor uren!”. In de les maakten ze hierover een filmpje, waarin ze de draak staken met de rigiditeit van mevrouw Stelwagen, de directeur van het verzorgingshuis waar Hendrik Groen woont, die overal ‘nee’ op zegt en ze deden een oproep in de film aan ouderen om meer zelf te gaan organiseren net als Hendrik Groen en de OMANIDO-club.

Kees en studenten werken samen aan de film over Hendrik Groen

Kees is nog niet klaar als hij thuis komt na een les. Zijn buren willen namelijk heel graag dat hij verslag doet van zijn ervaringen in de klas. Elke maandag en vrijdag eten hij en de bewoners uit het appartementencomplex samen en dan vertelt hij over wat hij geleerd heeft, bijvoorbeeld over het belang van kunst- en cultuurparticipatie of over de deugdenethiek van Aristoteles. “Het gaat ons aan, wat jullie in de opleiding doen”, zegt Kees. “En we proberen hier ook al echt te werken aan het goede leven, zoals jullie in de opleiding ook behandelen. Er is een hele goede sfeer in ons complex, we hebben veel sociale verbinding en we zeuren niet over allerlei kwaaltjes”, zegt Kees. En daarbij maakt hij een knipoog naar de Griekse wijsgeer Aristoteles (384-322 v.Chr.), die heel negatief was over ouderen: “Bij ouderen slaat het gevoel voor humor om in de neiging tot klagen (in Dohmen en Baars, 2011).”

'Jullie hebben veel in huis!'

Tot slot geeft Kees nog een advies aan de studenten: “Heb geduld met oudere mensen, toon medeleven en kom écht in gesprek. En laat daarbij ook jouw eigen verhaal horen, want dan pas kom je daadwerkelijk met elkaar in contact. Het is een wisselwerking! En weg met die verlegenheid, hoor! Jullie hebben veel in huis!”